Nader tot Reve: Levensarchief Naar de homepage van Nader tot Reve
tak
Zelf Reve verzamelen (1)
Veertien Etsen van Frans Lodewijk Pannekoek voor Arbeiders Verklaard door Gerard Kornelis van het Reve. (1967)
In één van de vorige nummers van Puntkomma (#3, januari 2002) schreef ik dat als er één boek in de Nederlandse letteren is waar een verzamelaar zijn lusten op zou kunnen botvieren, dat dat dan Reve's De Avonden zou zijn. De lezer begrijpe mij niet verkeerd: ik wil niets van deze opmerking terugnemen, maar nu ik er een jaar later op terug kijk, lijkt het mij eigenlijk een schot voor open doel. Is namelijk niet zo ongeveer alles van de hand van Reve een verzamelonderwerp an sich? Kent niet zo ongeveer elk boek meerdere drukken? Kent niet zo ongeveer elk werk voorpublicaties, dummy's, opdrachtexemplaren, luxe-edities et cetera?
omslag Zelf Reve VerzamelenIn zijn Zelf Reve Verzamelen (Leiden, de Botermarkt, 1998) behandelt Piet van Winden alleen de eerste drukken van het werk van Reve, maar eigenlijk verdient Reve's oeuvre een bibliografie zoals Janssen en van Stek die over W.F. Hermans schreven (Het bibliografisch universum van Willem Frederik Hermans): van elk werk wordt elke druk, elke vertaling vermeld.
Zo'n bibliografie zal ik niet schrijven. Het maken van een bibliografie vraagt een stiptheid en nauwkeurigheid die ik niet bezit. Ik heb er simpelweg het geduld niet voor. Ik zever liever ins Blaue hinein. La di la di la di la. Toch wil ik hier een eerste aanzet geven tot zulk een ooit te verschijnen Bibliografisch universum van Gerard Reve. Daarom ditmaal in Een uitgelezen hartstocht: Veertien Etsen van Frans Lodewijk Pannekoek voor Arbeiders Verklaard door Gerard Kornelis van het Reve (Amsterdam, Rap, 1967).
De reden waarom ik hier juist dit werk neem is van strikt persoonlijke aard. Niet alleen vind ik het, met Op Weg Naar Het Einde en Nader tot U een absoluut hoogtepunt in het werk van Reve (ik heb het werk werkelijk ontelbaar vaak gelezen - iets wat ik van maar weinig andere boeken zeggen kan), maar ook heb ik, beroepshalve, nogal vaak en vooral intens (ik schreef bijna: intiem) met de Veertien Etsen... te maken gehad.
Op zich is Veertien Etsen.. snel verzameld. Met een stuk of vijf boeken ben je er wel. Er is de eerste druk, er is de luxe-editie van de eerste druk (50 exemplaren werden genummerd, door schrijver en kunstenaar gesigneerd en van een los ingevoegde originele ets van Pannekoek voorzien), er is een tweede druk (geheel identiek aan de eerste druk), er is de uitvoering in het Verzameld Werk en als ik het goed heb is het ook nog in een andere Reve verzamelbundel opgenomen. (Als gezegd: ik bezit niet de gedrevenheid van de ware bibliograaf die nu.... Ik volsta met de opmerking dat die uitgave niet echt van belang is, omdat de afbeeldingen van de etsen daarin - helaas - ontbreken.) [Het gaat om Vier Pleidooien (1971)]
Erg veel hoeft dit hele verhaal ook niet te kosten. Een eerste druk doet iets van € 100,-, een tweede druk misschien een keer de helft. De verzamelbundels moeten samen voor € 50,- ook wel bij elkaar te schrapen zijn. Wat een luxe editie van de eerste druk momenteel doet weet ik niet precies, maar erg veel meer dan € 500,- zal het niet zijn. Voor € 700,- moet de verzamelaar een heel eind zijn. Laat het eens € 750,- of € 800,- zijn: het verzamelen van Veertien Etsen.. is, hoe dan ook, een relatief makkelijke afwijking, die ook u en ik zich nog kunnen veroorloven.
Dat wil zeggen: als we de valkuil van de ware verzamelaar weten te omzeilen. De echte verzamelaar kent namelijk die ene vervelende eigenschap: het is 'm nooit, maar dan ook nooit genoeg. De echte verzamelaar wil altijd meer. Altijd maar meer.
Eén van de Veertien Etsen.. die ik - mocht ik verzamelaar zijn - absoluut zou willen bezitten kwam ergens in de zomer van 1997 mijn leven binnengewandeld. Een groot - zeer groot - Reve-liefhebber had besloten via ons veilinghuis afstand te doen van zijn verzameling. Onder de vele Reve juweeltjes zat onder andere het auteursexemplaar van de Veertien Etsen.. Het kwam op de avond van vrijdag 24 oktober 1997 als kavelnummer 623 onder de hamer. In de catalogus schreef ik - na de standaard beschrijving van 50 luxe exemplaren met een los ingestoken etc. etc -:
"Dit is No.1, zijnde het AUTEURSEXEMPLAAR, door Reve aan Pannekoek kado gedaan: 'Veel liefs & sukses wenst je / GerardKvanhetReve / Amsterdam, 15 December 1967.' Dat de handtekening van Pannekoek ontbreekt is in het licht van het net geschrevene niet dan logisch. De los bijgevoegde ets ontbreekt niet en is genummerd 1/50."
Ik taxeerde het werk op 1800 tot 2200 gulden. Als ik het me goed herinner bracht het - hamerprijs - 2500 gulden op. De koper moest uiteindelijk dus goed 3000 gulden betalen. Een kleine 1400 euro.
Een tweede Veertien Etsen.. -item dat ik - wederom: mocht ik verzamelaar zijn - absoluut zou willen bezitten komt - voor mij althans - rechtstreeks voort uit het net genoemde auteursexemplaar. Onze al genoemde Reve-veiling van 1997 haalde uitgebreid de pers en één van de mensen die er hoogte van hadden gekregen was niemand minder dan Jürgen Hillner, de man die eind jaren '60 onder andere werk van Reve in het Duits vertaalde.
Maar Hillner deed meer dan vertalen alleen. Ook hij ging, net als Reve, in Friesland wonen: op 21 juni 1969 opende Gerard Reve het nieuwe huis van de Hillners aan de Hemdijk te Westhem. De komst van Hillner moet voor Reve van groot belang zijn geweest. Op 11 maart 1969 schreef Reve aan Josine Meijer: "Jürgen Hillner heeft mijn werk diepgaand geanalyseerd, & heeft mij veel nuttigs om te weten onder ogen gebracht, waar ik geen of weinig vermoeden van had."
Hillner en Reve voor het huis van Hillner in Westhem (Friesland)
Hillner en Reve voor het huis van Hillner in Westhem (Friesland)
En op 2 Mei 1969 schrijft Reve Hillner: "Je moet me nooit meer in de steek laten. Ik bedoel: jij begrijpt wat ik schrijf, en jij kunt me uitleggen wat het betekent, en door jouw hulp kan ik misschien jaren van oponthoud voorkomen." Maar het duidelijkst wordt hun verhouding misschien nog beschreven in een brief die Jaap Harten - op dat moment medewerker van het Letterkundig Museum - op 7 januari 1970 aan Hillner schreef: "In Frankfurt [lees: de Büchmesse, MS] heeft Gerard mij nog verteld dat hij u als zijn coach en raadsman beschouwt."
Eind jaren '60 woonde Gerard Reve in Greonterp, Frans Lodewijk Pannekoek in Pingjum en Jürgen Hillner in Westhem. Hoe de verhouding van dit drietal geweest is weet ik niet precies, maar dat Reve beiden een warm hart toedroeg mag uit het volgende blijken: via het schrijven van Veertien Etsen.. probeerde Reve Pannekoek aanzien (en daarmee financiële zekerheid) te verschaffen. Dat hij via hetzelfde werk ook Hillner bedacht is minder bekend.
Als gezegd: onze Reve-veiling van oktober 1997 was ook Hillner ter ore gekomen, en het was dan ook met kloppend hart dat wij op een goede lentemiddag richting Ter Apel reden. Waarom, o waarom had de heer Hillner ons gevraagd langs te komen? Wat konden we verwachten? Over de telefoon had hij gezegd wat brieven te hebben, 'en nog veel meer', maar wat, o wat, was dat 'veel meer'?
We vielen van de ene in de andere verbazing. We zagen opdrachtexemplaren van onder andere Boon, Brouwers, Hermans en Reve. We zagen brieven van Boon, Brouwers, Hermans en Reve. We zagen proefvertalingen van Boon, Brouwers, Hermans en Reve. We zagen complete wordingsmappen van een achttiental gedichten van Reve en... we zagen het complete manuscript van... juist ja: Veertien Etsen van Frans Lodewijk Pannekoek voor Arbeiders Verklaard door Gerard Kornelis van het Reve. Wat bleek? Omdat Hillner met zijn vertalingen maar moeizaam geld binnen wist te halen schonk Reve, als 'pensioen', Hillner het manuscript van Veertien Etsen.. Of wij er misschien wat mee konden?
Het manuscript kwam op maandag 2 november 1998 als kavelnummer 216 onder de hamer. Voor een complete beschrijving van het manuscript verwijs ik naar onze veilingcatalogus, hier volsta ik met een korte beschrijving. Het manuscript bestond uit een synopsis, een eerste versie (handschrift), een tweede versie (handschrift), een derde versie (typoscript), een vierde versie (handschrift) en een vijfde versie (typoscript). Daarnaast was er een proefdruk, een brief van uitgever Thomas Rap en een brief van de VARA. Raar genoeg hadden wij uit een andere bron ongeveer rond dezelfde tijd Reve's werkmap voor Veertien Etsen (kavel 217) en een Kontrakt aangaande de boekuitgave van Veertien Etsen (218) ter veiling binnengekregen.
brief van de VARA aan Gerard Reve
Een detail van de VARA brief; klik voor volledige afbeelding (165 Kb)
Ik taxeerde het manuscript destijds op 3000 tot 5000 gulden. Niet veel, misschien, als je weet dat De Avonden voor 180.000 afgeslagen werd, maar Nederland is nu eenmaal een moeilijk land voor dergelijke stukken. Dat het werk uiteindelijk naar 10.000 gulden liep was dan ook ruim boven mijn verwachting. Wie het kocht? "Die is voor Ome Willem", riep de koper verblijd uit, maar wie Ome Willem dan weer mag zijn.. in een brief aan Josine Meijer (brief gedateerd 18 maart 1969) schrijft Gerard Reve: "Jürgen Hillner is tweetalig.(In 1937 op Sumatra geboren, in 1952 naar Duitsland gerepatriëerd.)".
Onze 'Ome Willem' - zoals ik de koper maar anoniem zal blijven noemen - was, of u het nu gelooft of niet, op Sumatra de buurjongen van de Hillners! (En dus niet, zoals een Reviaan ons na een dag onderzoek meende te kunnen melden, een worstenmaker aan de Zaagmulderseweg te Groningen).
Niet alleen het manuscript van het werk zelf, ook originele brieven van Reve zouden voor de ware Veertien Etsen.. verzamelaar een gewild item moeten zijn. Dat de echte liefhebber vooral de brieven van Reve aan Pannekoek wil bezitten spreekt voor zich, maar eigenlijk zijn dit niet de meest interessante brieven aangaande Veertien Etsen.. Voor de al genoemde veilingcatalogus las ik alle - nou ja: zo ongeveer alle - gepubliceerde brieven van Reve nog maar weer een keer.
Wat bleek? Wie de brieven niet op persoon maar op datum rangschikte - wanneer worden de brieven van Reve nou eindelijk eens chronologisch gerangschikt uitgegeven? Moet ik dan werkelijk alles zelf doen? - vindt zowel een duidelijke ontstaansgeschiedenis als een duidelijke drukgeschiedenis van Veertien Etsen..
De eerste die van de Veertien Etsen.. hoort is Ludo Pieters. Op 11 februari 1967 schrijft Reve hem: "Ik moet nu een tekst maken voor een boek met reproduksies, geheten Twaalf Etsen van Frans Pannekoek Voor Arbeiders Verklaard. Dat wil maar niet lukken." Een kleine twee weken later - 27 februari 1967 - schrijft Reve aan Frits Boer: "Hier [= Greonterp, MS] is het intussen erg stil geworden, en dat moet ook, want ik ben een tekst aan het schrijven bij Bullie van der K. [= Pannekoek, MS] zijn binnenkort gepubliceerde etsen: Twaalf Etsen van Frans Pannekoek Voor Arbeiders Verklaard. Het is voor hem van groot belang, dat het een goede tekst wordt, en hij kijkt er erg naar uit. Daarom werk ik er hard aan; elke dag."
Weer een week later - 3 maart 1967 - schrijft Reve hem: "Vandaag ben ik flink gevorderd op Bul zijn boek. Ik werk en zwoeg, en ga hier niet vandaan, voordat het af is - echt niet, dat kan niet." Nog weer een week later - 10 maart 1967 - schrijft Reve aan Josine Meijer: "Ik ga Twaalf Etsen.. in het net uitschrijven. Voor zover ik het nog niet geschreven heb: Frans is (verre) familie van de astronoom [A. Pannekoek, 1873-1960, MS] & de titel is een toespeling op 'Het Historisch Materialisme Voor Arbeiders Verklaard' door Herman Gorter."
Op 15 maart schrijft Reve haar weer: "Sedert een week of zes, zeven werk ik aan Twaalf Etsen.. Het is nu in de tweede versie klaar, maar ik zal het nog wel één à twee maal moeten overschrijven. Ik ben er redelijk tevreden over." April 1967 biedt weinig nieuws - lag het werk tijdelijk stil? - maar op 11 mei schrijft Reve Meijer weer: "Twaalf Etsen etc. is nu in de tweede kladversie klaar. Frans is enthousiast over het gedeelte dat hij gelezen heeft, ongeveer 2/3 ervan."
Een kleine maand later - 10 juni 1967 - is het werk af: "Hierbij stuur ik je het enige doorslag van Veertien Etsen dat ik graag zo spoedig mogelijk terug wil hebben." Eerder al - op 2 juni 1967 - had Reve aan Prof. W.K. Grossouw geschreven: "Een verhaal van 6000 woorden, 'Veertien Etsen..' - een soort reisbrief, verwant aan Brief Nacht Etc., die bij de uitgever Thomas Rap in Amsterdam gaat verschijnen, en, behalve mijn tekst. 14 reproduksies in lichtdruk van Bullie van der K. zijn etsen zal bevatten - is een dag of tien geleden gereed gekomen."
Thomas Rap moet direct aan het werk gegaan zijn, want al op 20 juni 1967 meldt Reve Josine Meijer: "Een proefpagina van Veertien Etsen etc. zag er heel deftig uit, die Thomas Rap had laten trekken." Op 25 oktober 1967 schrijft Reve aan Pannekoek: "Ik heb de uitzending over ons boek [Reve zou het boek bij Mies Bouwman ('Mies en Scène') 'lanceren', MS] weten uit te stellen tot 10 November. Thomas R. werkt heel hard om het dan ook in de handel te hebben. (De tekst is al gedrukt)."
Of het Thomas Rap lukte om het werk op 10 november 1967 in de handel te hebben is niet helemaal duidelijk, maar uit Reve's brief aan Pannekoek van de 26e die maand is op te maken dat het waarschijnlijk niet gelukt is: "Morgen zal ik Rap opbellen, of het boek werkelijk uit is, dan kan hij mij, als hij tijd heeft, eksemplaren brengen, waarvan één voor onze eigen Mies, die morgenmiddag met Leen Timp mijn medewerking aan het programma komt bespreken."
Naar het zich laat aanzien kwam het boek pas begin december definitief in de handel. Op 5 december 1967 schrijft Reve (aan Pannekoek): "Ons boek is werkelijk heel mooi en voornaam geworden, en iedereen is erg tevreden over de reproduksies." Op 6 december tekent Reve het contract met de VARA, en op 8 december 1967 vindt de uitzending plaats.
Hoe ver moet een verzamelaar gaan? In de Verantwoording van zijn Vier Pleidooien (Amsterdam, Athenaeum - Polak & Van Gennep, 1971) schrijft Gerard Reve:
"Een zware opgave was ook het schrijven van Veertien Etsen, dat een begeleidende tekst moest vormen bij een serie reproducties van grafisch werk van Frans Pannekoek. Ik moest zijn leven en sterven bezingen en zijn opvattingen over de plaats van de kunstenaar in de maatschappij recht doen wedervaren zonder de mijne prijs te geven. Dat is mij niet meegevallen: met al mijn bewondering voor Frans zijn werk kwamen we ieder wel 'heel verschillend uit', als het over de kunst ging."
En: "Veel wijn en tranen zijn geïnvesteerd in dat zonderlinge verhaal, dat mij zeer lief is en dat ik voor gelijkwaardig houd aan de beste hoofdstukken uit Nader tot U."
Dat een verzamelaar de eerste druk van deze pleidooien wil bezitten spreekt mijn inziens voor zich, alleen: kwam die Verantwoording niet al eens ter veiling? In kladschrift? In handschrift? Hoe zat het ook alweer? En: waar bevindt die zich nu dan? En de Kronkel 'Middag' waarin Carmiggelt zeer, zeer lovend op Veertien Etsen.. in gaat - is die eigenlijk nog te koop?
Mocht u het spoor nog niet helemaal bijster zijn: alle bovengenoemde Veertien Etsen..-items zitten 'vast', zoals dat heet. De kans dat het auteursexemplaar of het manuscript ooit nog weer in de verkoop komt lijkt me - ik weet waar ze zitten - zeer klein tot nihil, al kan een ieder zich natuurlijk vergissen.
Ook de meeste brieven rusten, een aantal daargelaten, in kluizen die nog maar zelden zonlicht naar binnen krijgen.Toch hoeft de ware diehard niet totaal te wanhopen. Antiquaar Fokas Holthuis bood een tijdje geleden het exemplaar van Veertien Etsen.. dat Frans Lodewijk Pannekoek aan zijn ex-schoonmoeder kado deed te koop aan.
Het is weliswaar een tweede druk, maar dat wordt ruimschoots goedgemaakt: het werk kent een opdracht van Pannekoek - "(..) Van de inmiddels succesvol geworden maar vroeger onbestuurbare en (misschien wel) talentloze ex schoonzoon." - en bevat bovendien een tiental originele etsen en een aquarelletje van de hand van Pannekoek. 1300 euro moet de hele handel kosten. Hoe Fokas aan dat exemplaar komt? Meneer, mevrouw.. toe nou..
Auteur: Martijn Steenbergen. Dit artikel, onder de titel 'Een uitgelezen hartstocht: derde intermezzo' is in maart 2003 verschenen in Puntkomma.
De afbeeldingen zijn afkomstig uit het artikel.