Nader tot Reve: Levensarchief Naar de homepage van Nader tot Reve
tak
Zelf Reve verzamelen (2)
De Avonden: Een Winterverhaal (1947)
1.
Op 22 november ontvangt Gerard Reve de belangrijkste literaire onderscheiding van het Nederlandse taalgebied De Prijs der Nederlandse Letteren. Op 11 december opent het Letterkundig Museum een tentoonstelling met als titel 'Gerard Reve, leraar en belijder'. Van 14 tot en met 16 december worden in Den Haag de Grote Gerard Reve dagen georganiseerd. Zit er nog leven in Reve, of is het opa's laatste kunstje?
Het Verzameld Werk wordt eerdaags afgesloten, de brochure die De Bezige Bij uitbracht naar aanleiding van de bekendmaking van de toekenning van de Prijs der Nederlandse Letteren bevat enkel heruitgaven van oud werk en het feit dat Reve op 8 augustus jongstleden de voorpagina van De Volkskrant wist te halen was enkel en alleen te danken aan het feit dat zijn eerste boek, De Avonden, zijn 50e druk gaat beleven en, misschien, 'verstript' wordt.
Op het eerste gezicht lijkt er dus weinig nieuws onder de zon te zijn - in werkelijkheid speelt zich hier een kleine revolutie af: voor het eerst in de Nederlandse letteren wordt een auteur bedankt voor gedane arbeid. Voor het eerst ontvangt een auteur een - symbolische- handdruk. Het is niet opa's laatste kunstje - het is opa's laatste dans. And it takes two to tango..
G.F.H. Raat, over De Avonden
De geschiedenis van De Avonden begint op tweede Kerstdag 1946. Op die dag zet Reve enige "Overwegingen en voornemens bij het schrijven van een lang verhaal, een novelle voor 'De Bezige Bij'" op papier. De start is overdonderend. Er verschijnen drie voorpublicaties - in Criterium (mei en november 1947) en in Het Woord (herfst 1947) - en het ontvangt,'in handschrift nog', de Reina Prinsen Geerligsprijs. De pers besteedt veel aandacht aan het boek en na de eerste druk van november 1947 volgen een tweede en derde druk in januari en maart 1948.
Dan komt de klad er in en het zal tot 1959 duren voordat het zijn vierde druk beleeft, al is dat in werkelijkheid al een zesde druk. (De vermelding 'vierde druk januari 1959' is onjuist - er verscheen een vierde druk in 1953, en de opname van De Avonden in het 'Verzameld Werk' van 1956 heeft nooit een drukvermelding gehad, maar is eigenlijk de vijfde druk)
Vanaf 1961 verschijnt De Avonden als Literaire Reuzenpocket (LRP 22) en het beleeft tien jaar lang tenminste een drukgang per jaar. Het is ook precies dit decennium dat Reve zich ontwikkelt tot volksschrijver nummer een. Vanuit het Friese Greonterp weet Reve met Op Weg Naar Het Einde en Nader tot U velen voor zich te winnen en met het Ezelsproces weet hij voor elkaar te krijgen wat elke schrijver, wil hij echt groot worden, voor elkaar moet zien te krijgen: hij weet uit het benauwde literaire wereldje door te stoten naar de 'echte' wereld.
Zijn lezerspubliek vermenigvuldigd zich. Het spreekt voor zich dat De Avonden meelift op deze populariteit, die van De Avonden zo'n interessant object heeft gemaakt. Want als er een boek is in de Nederlandse letteren waar een verzamelaar zijn lusten op bot kan vieren, dan is het wel De Avonden.
Er zijn de al genoemde voorpublicaties, er is de eerste druk (liefst met stofomslag en buikbandje), er zijn twee luxe-exemplaren in half perkamenten band, er is Reve's eigen exemplaar, er is het manuscript, er is de veilingcatalogus van de veiling van dit manuscript, er zijn gesigneerde exemplaren, er zijn opdrachtexemplaren, er zijn de eigen exemplaren met opdrachten aan Reve's levensgezel Joop Schafthuizen, er zijn vertalingen in het Frans, Duits, Noors, Engels (gedeeltelijk) en Hongaars - natuurlijk ook weer met en zonder opdrachten, er is de Zuid-Afrikaanse editie (die geen vertaling is, en eigenlijk de vierendertigste druk zou moeten zijn!), er is de verfilming, er zijn de filmaffiches, er zijn de brieven die Thom Hofman - die Frits van Egters speelde - schreef, er is de CD-box waarop Reve De Avonden integraal voorleest en alsof dit alles nog niet genoeg is kondigde De Bezige Bij als gezegd een stripversie van De Avonden aan.
Thoma Hoffman, 23 brieven aan Frits van Egters; Gerard Reve, 7 brieven aan Thom Hoffman
Ik kan alleen nog een toneelvoorstelling verzinnen - of was die er nu ook al? "Voorts sluit ik een van de kroontjespennen bij, waarmede ik De Avonden heb geschreven", schreef Reve op 17 oktober 1982 aan Ad ten Bosch. Je kunt het zo gek niet verzinnen, of het is er.
De Avonden op het toneel
Ik heb mij voor dit artikel niet verdiept in wat er zoal over De Avonden gezegd en geschreven is, maar een ding is duidelijk: een echte De Avonden verzamelaar heeft een verzamelgebied waarvan het welhaast onmogelijk lijkt om het volledig in kaart te brengen. Alhoewel Reve bij het in ontvangst nemen van de P.C. Hooftprijs (1969) gezegd heeft dat "enig zinnig literair oordeel eigenlijk nog steeds niet gegeven is" - veel is er in ieder geval wel over gezegd.
Er zijn de recensies, er zijn de beschouwingen, er zijn de strooptochten langs de adressen uit De Avonden, er zijn de opmerkingen van de mensen achter de personages, er is de herkenning, er is de walging. Er is die viering waarop een ieder vrolijk en blij 'zijn' Avonden in de lucht houdt, er is die fles bessen-appel, er is die rubriek van Fokas Holthuis, er is dat gedicht over Nescio, er is Theodor Holmans De laatste avond - het is er gewoon allemaal.
Theodor Holman, De laatste avond, een wintervertelling
De website De Grote Gerard Revepagina kent elf rubrieken, een daarvan is, u raadt het al, De Avonden. Joop Schafthuizen in HP De Tijd 325 (1997): "Weet je waar ik me nu wel kwaad over kan maken? Om domme, bekrompen mensen als vrouwtje Rotenstreich, de vrouw van Adri van der Heijden, de grootste cultuurdrager sinds Erasmus. Een vreemd hebberig wijfje is dat, die opeens denkt: o ja, volgend jaar is De Avonden vijftig jaar geleden verschenen, daar kan ik wel een boekje over schrijven en 1500 gulden mee verdienen."
"Het manuscript van De Avonden lag toen al bij het veilinghuis [Bubb Kuyper - MS] en Gerard en ik wilden niet dat iemand het ter inzage zou krijgen. Vrouwtje Rotenstreich kreeg dat ook te horen, maar zij beweerde doodleuk tegen Jeffrey Bosch van het veilinghuis dat wij haar toestemming hadden gegeven. Gelukkig belde Jeffrey ons op om te vragen of dat waar was. Niet dus."
Mirjam Rotenstreich, Over den titel dienen wij ons geen zorgen te maken. Het slot van De Avonen in het licht van Tolstoi
Hoewel ik soms betwijfel of Joop Schafthuizen de aangewezen man is om te klagen over al die aandacht - ergens kan ik hem wel begrijpen. Het is allemaal een beetje teveel van het goede. Het is dan ook vanuit die overdaad dat ik wat terughoudend en sceptisch was toen ik hoorde dat De Bezige Bij een super-de-luxe jubileumeditie van De Avonden op de markt gaat brengen. Vijfhonderd vierendertig pagina's met het complete manuscript, het complete typoscript, en dat alles geannoteerd en wel. Niet weer De Avonden, niet weer een luxe Reve, niet weer een 'beperkte' oplage van 500 exemplaren, niet weer een intekenprijs van rond de 1000 gulden. Niet weer dat hele theater.
Ik kan me goed inleven in de klacht van sommige antiquaren, die het zat zijn dat elk kladje van Reve de voorpagina haalt, terwijl de pers hun werkelijk zeldzame aanbod volkomen negeert. Want laten we wel zijn: dat manuscript, dat is al eens geveild, en daar is al eens een catalogus met annotaties en al van gemaakt. En hoeveel mensen gaan nu daadwerkelijk analyseren wat er precies veranderd is aan pagina dertien, regel vier tot en met twaalf? Doet u dat? En dat dan weer gekoppeld aan de verandering in hoofdstuk zes, waar de hoofdpersoon.. Enfin: ik niet, in ieder geval. En daarbij: de heer Schafthuizen kruipt mij wel wat erg makkelijk in zijn slachtofferrol.
Het was Joop Schafthuizen die in 1986 zelf een verkoopcatalogus met 'zeldzame Reviana' op de markt bracht, het was dezelfde Joop Schafthuizen die veilinghuis Burgerdijk en Niermans tot tweemaal toe een collectie Reviana liet veilen en het was dezelfde Joop Schafthuizen die én het manuscript van De Avonden én zijn eigen collectie opdrachtexemplaren inbracht bij Veilinghuis Bubb Kuyper te Haarlem. Als er iemand aan De Avonden heeft verdiend.. Het is zijn goed recht, absoluut, maar het is ook mijn goed recht om te zeggen dat ik een unheimisch gevoel kreeg toen ik las wat Reve en consorten nu weer uitgedokterd hadden.
Toch - en nu komt de grap - toch denk ik dat ik 'm ga kopen, die 50e druk. En misschien zelfs wel in beide edities, wie weet. Goed: strikt bibliografisch gezien worden we vernacheld waar we bij staan, want die al eerder genoemde Zuid Afrikaanse editie is gewoon een Nederlandse editie - de uitgave kent weliswaar "woordverklarings door E.C. Britz" maar is verder qua tekst gewoon identiek aan de Nederlandse edities en hoort dus, net als alle Manteau uitgaven gewoon meegerekend te worden en goed: die 'beperkte' oplage van 500 luxe exemplaren is gezien de grote van de markt alles behalve beperkt en ja: het riekt hier en daar m.i. wat naar geldklopperij maar.. ik vind het goed. Het mag van mij. Ik zal u vertellen waarom.
Rotenstreich
Er zit in deze 'feesteditie' van De Avonden een ongekende symbolische schoonheid. In het begin van dit artikel meldde ik dat De Avonden 'in handschrift nog' bekroond werd met de Reina Prinsen Geerligsprijs. Deze 50e druk, waarin dit handschrift (en typoscript) in facsimile staat afgebeeld, verschijnt naar aanleiding van de toekenning van De Prijs der Nederlandse Letteren. Reve eindigt zoals hij begon: in handschrift, en met onderscheiding. De cirkel is rond, het laatste hoofdstuk is uit, het boek kan gesloten. Het is de laatste der avonden, en het eindigde, zoals het begon.
Er zijn vertalingen gemaakt, er zijn jubileum-uitgaven, er zijn pockets, er zijn paberbacks, maar na al die omzwervingen is De Avonden terug bij af. Wat ook mooi symbolisch is: de eerste aanzet tot De Avonden meldde, als gezien "voor De Bezige Bij". De eerste druk verscheen ook bij De Bezige Bij. Daarna verhuisde Reve naar Van Oorschot, Athenaeum - Polak & Van Gennep, Thomas Rap, Manteau, Veen en vele bibliofiele drukkers maar deze 50ste De Avonden verschijnt, u raadt het al, ouderwets bij De Bezige Bij.
De Avonden is, wederom, terug bij af. In handschrift, met onderscheiding, en bij De Bezige Bij. Het Verzameld Werk wordt afgesloten, nieuw werk lijkt mij uitgesloten en zo zie ik Gerard Reve, ouderwets onder het halve pseudoniem Simon van het Reve samen met zijn eerste uitgever, De Bezige Bij, een laatste dans dansen. Zoals ik al zei: it takes two to tango.
2.
Bovenstaand artikel schreef ik ergens tussen 10 en 15 oktober 2001. Van alles wat er zich sindsdien rondom Gerard Reve en Joop Schafthuizen en de uitreiking van de Grote Prijs heeft afgespeeld hebben de media in die mate verslag gedaan dat het mij zinloos lijkt daar nu nog nader op in te gaan. De kranten, de weekbladen, de radio, de televisie - wie al niet, wat al niet. Waar een klein land al niet groot in kan zijn. Blijkbaar weer De Avonden - indirect - ook na meer dan vijftig jaar de gemoederen nog flink in beweging te houden. De verzamelaar heeft er weer een hoofdstuk bij. Een zwart hoofdstuk, dat wel. Vol onzin, flauwekul en een hoeveelheid politieke correctheid dat het je de strot uitkomt.
Ik sluit daarom maar af met de woorden die Gerard Reve op 27 mei 1979 aan Jürgen Hillner, die De Avonden in het Duits vertaalde, schreef : "Ik heb je vertaling van De Avonden ingezien (ik kan het boek zelf niet meer zien). Er mankeert niets aan. Wat kan er aan jouw vertalingen mankeren? Alles heb je altijd prima vertaald, van mij en van iedereen. Vandaar dat een ander de Nijhoff Prijs kreeg. Ja, je kan je kwaad maken, uit elkaar barsten van woede, maar ik probeer mijn eigen te beheersen." Het lijken mij passende woorden.
Auteur: Martijn Steenbergen. Dit artikel, onder de titel 'Een uitgelezen hartstocht 2: Simon van het Reve De Avonden; Een Winterverhaal' is in januari 2002 verschenen in Puntkomma.